Animalsunited header

Krab


Naam: Krab krab6
Lengte: Tot 1,5 meter
Voedsel: Alleseters
Leefomgeving: De bodem van zeeën en oceanen
Soorten: Er zijn ongeveer 8600 soorten
Status: Stabiel
Taxonomische indeling:
  • Rijk: Dieren (Animalia)
  • Stam: Geleedpotigen (Arthropoda)
  • Onderstam: Kreeftachtigen (Crustacea)
  • Klasse: Malacostraca
  • Orde: Tienpotigen (Decapoda)

Krabben

Krabben zijn een groep van kreeftachtige dieren, ze horen bij de orde: tienpotigen. De groep bestaat uit ongeveer 8600 soorten.

krab5Kenmerken

Krabben zijn opvallende dieren. Het lichaam is breder dan het lang is en op het eerste gezicht lijkt er iets te missen, het achterlijf. Het achterlichaam is veilig onder het schild verstopt. De kop is vergroeid met het lichaam en is voorzien van veel kleine ogen. Die oogjes worden ommatidia genoemd en zijn kleine staafjes met allemaal een eigen lensje. Sommige krabben gebruiken hun ogen niet alleen om te kijken, maar ook om de weg te vinden. Ze kunnen dingen in de omgeving herkennen en aan de hand van die herkeningspunten en de zon kunnen ze navigeren over de zeebodem. Bij gevaar kunnen de ogen ingetrokken worden en zodoende kunnen ze beschermd worden. Bij de meeste krabben zijn de ogen erg belangrijk en daardoor goed ontwikkeld, vooral bij de krabben die op het land of in ondiepe wateren leven. Enkele soorten die in erg diepe zeeën en oceanen leven zijn bijna blind. Deze krabben moeten het meer hebben van gevoel dan van zicht. Krabben hebben tussen de ogen een soort voelsprieten, of antennes. Dankzij deze antennes kunnen krabben geuren opvangen en voedsel opsporen. Ook spelen de antennes een belangrijke rol bij het aftasten van de directe omgeving. Bij krabben met slecht zicht, zijn deze antennes van groot belang tijdens het rondlopen op de zee bodem. Krabben hebben tien poten, er zijn vier paar looppoten en één paar krachtige scharen aan de voorkant van het lichaam. De rechterschaar is over het algemeen groter dan de linker schaar en de scharen worden gebruikt voor het kraken van schelpen, voedsel verscheuren en voor verdediging. Sommige soorten gebruiken de scharen om goed op te vallen bij een (toekomstige) partner. Bij deze soorten is de schaar opvallend gekleurd. Scharen bestaan uit 2 delen, een groter, niet beweegbaar deel en een kleiner, beweegbaar deel. De looppoten zijn bijzonder, ten eerste lopen ze zijwaarts, ook “trekken” en “duwen” de poten de krab de kant op die de krab wil. Om de poten niet teveel te belasten, draaien de krabben soms om de as, ze blijven dan wel dezelfde kant oplopen, maar nu trekken en duwen de andere 4 poten de krab in de gewenste richting. Dankzij de poten kan een krab heel snel graven, in gevaar kunnen ze altijd als laatste redmiddel zichzelf in enkele momenten onder de grond verstoppen. Er zijn veel soorten Krabben en ze kunnen veel verschillende kleuren hebben, witte, rode, blauwe en zwarte krabben bijvoorbeeld. De meeste soorten hebben een camouflage kleur, aangepast aan de omgeving. De grootste Krab ter wereld is de Japanse Reuzenkrab. Ze leven in de Grote Oceaan en kunnen staand op de poten een spanwijdte van 4 meter bereiken, ze kunnen dan een hoogte van 1,5 meter bereiken. De kleinste Krab wordt niet groter dan 30 millimeter. De mannetjes Krabben worden meestal groter dan de vrouwtjes.

Leefomgevingkrab

De meeste krabben leven in zee. Je komt ze tegen in de allerdiepste oceanen, maar ook in de ondiepe wateren, koraalriffen en fjorden. Een aantal soorten heeft het water verlaten en leven op het land. De meeste landkrabben leven in vochtige omgeving, zoals bossen. De landkrabben trekken ieder jaar naar zee, omdat ze voor de voortplanting wel afhankelijk blijven van water, zout water (enkele soorten kunnen wel op het land voortplanten). Krabben komen eigenlijk overal ter wereld voor met uitzondering van de pool gebieden.

krab2Eetgewoonte

Krabben zijn niet kieskeurig als het om eten gaat. Ze eten eigenlijk alles wat ze tegenkomen en eetbaar is, planten, kleine kreeftjes, plankton, wormen, sommige soorten eten elkaar en andere krabben, echt van alles. De scharen zijn krachtig genoeg om slakkenhuisjes en schelpen te breken, kleinere dieren op de zeebodem zijn hun leven nergens veilig. Ze houden het voedsel in een schaar en trekken met de andere schaar stukjes eten en brengen het naar de bek. Een aantal soorten zijn herbivoor en eten niets anders dan planten.

Voortplanting

De mannetjes gaan op zoek naar de vrouwtjes om te paren. Aan de hand van een geur kunnen mannetjes de goede vrouwtjes vinden. De geur geeft aan dat het vrouwtje aan vervelling toe is. Het mannetje claimt het vrouwtje door de poten als een soort kooi om het vrouwtje heeft te houden. Het mannetje houd daarbij het vrouwtje vast met zijn scharen. Voordat krabben kunnen paren, is het van belang dat het vrouwtje haar pantser net heeft vervangen. Het pantser is dan nog zacht en er kan dan ruimte gemaakt worden voor het grote aantal eitjes dat heeft vrouwtje heeft aangemaakt, er worden 500 tot meer dan een miljoen aan eitjes per keer aangemaakt. De paring kan uren duren bij krabben.krab7 Tijdens het paren drukken de krabben het achterlichaam tegen het achterlichaam van de partner aan. Na de paring blijft het mannetje nog een tijdje bij het vrouwtje, zo kunnen er geen andere mannetjes bij “zijn vrouwtje” komen om met haar te paren en ook beschermd hij zijn vrouwtje tegen gevaar. Hij blijft bij haar tot het pantser van het vrouwtje sterk genoeg is. Het vrouwtje bewaard de eitjes onder het achterlijf. De eitjes worden naar ondiepere wateren gebracht en worden daar losgelaten. Door middel van het heen en weer bewegen van haar poten, laat ze de eitjes los. De eitjes zijn licht, bijna doorzichtig van kleur. Tijdens de ontwikkeling van het embryo worden de eitjes steeds donkerder van kleur. Bij vrijwel alle soorten krabben komen de eitjes uit als larve. De larve worden dan tot de plankton familie gerekend en voeden zich met voedseldeeltjes die de larven uit het water filteren. Als de larven net uit de eitjes komen lijken ze nog niet op een krab. In eerste instantie hebben ze eigenlijk alleen maar een kop, met een aantal vreemde uitsteeksels. Als laatste wordt het achterlichaam ontwikkeld. Daarna worden de uitsteeksels afgestoten en de poten, scharen, maar ook het schild wordt ontwikkeld. De ontwikkeling van larve naar krab kan maanden, bij sommige soorten zelfs een jaar duren. Na deze ontwikkelingen lijken ze nu eindelijk op een krab. Na een jaar tot enkele jaren kunnen we de jonge krab, volwassen noemen. De jonge krab is nog duidelijk van een volwassen exemplaar te onderscheiden, de kleur is nog niet zoals het volwassen dier en ook zijn de lengte en beharing nog erg afwijkend.

krab4Vervellen

Krabben vervangen met grote regelmaat het pantser. We noemen dit vervellen. Het oude pantser wordt vervangen omdat de krab blijft groeien, zijn/ haar hele leven lang, maar het pantser groeit niet mee. Het vervellen begint al zodra de, dan nog larve, uit het eitje komt. In de larve fase vervellen krabben een keer of 8. Ook jonge krabben vervellen vaak voordat ze volwassen zijn, om de 10 tot 15 dagen zijn ze te groot voor het pantser en begint het vervellen. Bij volwassen krabben komt het vervellen minder vaak, maar nog steeds eens in de 30 tot 50 dagen. Als het tijd is om te vervellen, worden er bepaalde hormonen aangemaakt. Deze hormonen zetten het loslaten in gang. Het pantser komt losser te zitten en de krab kan achterwaarts het pantser uit kruipen. Het nieuwe pantser wordt aangemaakt onder het oude pantser. Van het oude pantser worden nog wel zouten en andere bouwstoffen door de krab opgegeten en deze stoffen worden weer in het nieuwe schild gebruikt. Om het nieuwe schild passend te maken, neemt een (in zee levende) krab veel water op, hij/zij wordt dan groter en het schild wat langer mee kan. (Het schild past om de grotere krab, nadat het schild uitgehard is, wordt het water weer uitgestoten en leeft de krab in een ruim pantser). Bij de op land levende krabben wordt het pantser ruimer gemaakt door tijdens het vervellen, lichaamsgassen op te slaan, op die manier worden ook deze krabben groter en breder dan normaal. Eventuele scheuren en gaten in het pantser worden hersteld tijdens het vervellen. In de eerste uren na het vervellen is de krab erg kwetsbaar. Het vervellen gebeurt over het algemeen op een veilige beschutte plek, onder. Het pantser bestaat uit chitine en kalkzouten, dankzij deze stoffen wordt het schild erg hard, maar verliest zijn flexibiliteit.

Meer weten over de Krabben?
National Geographic

3 Responses to “Krab”

  1. Theo Hoogenbosch zegt:

    Interessant artikel, blij dat ik maar een paar benen heb.

  2. Maikel Schramm zegt:

    Wat een Geweldig informerend stuk van de Krab! Ik kon nergens wat vinden maar dit helpt mij heel erg met mijn werkstuk

Laat een bericht achter