Animalsunited header

Kruisbek


Naam: Kruisbek kruisbek
Lengte: Zo’n 17 cm
Gewicht: Gemiddeld zo’n 40 gram
Spanwijdte: Tot zo’n 30,5 cm
Voedsel: Zaden van naaldbomen
Leefomgeving: Europa, Azië en Noord-Amerika
Status: Stabiel
Taxonomische indeling:
  • Rijk: Dieren (Animalia)
  • Stam: Chordadieren (Chordata)
  • Klasse: Vogels (Aves)
  • Orde: Zangvogels (Passeriformes)
  • Familie: Vinkachtigen (Fringillidae)
  • Geslacht: Kruisbek (Loxia curvirostra)

Kruisbek

De Kruisbek, Loxia curvirostra, is een zangvogel. Deze opvallende vogels horen bij de familie van vinkachtigen (Fringillidae). De wetenschappelijke naam loxia curvirostra betekent, met gebogen snavel, een logische naam voor deze kenmerkende vogel.

Kenmerkenkruisbek2

Een kruisbek is een unieke vogel met aparte kenmerken. Ze hebben een relatief grote kop in verhouding tot het lichaam. Het mannetje wordt zo’n 17 cm over het algemeen iets groter dan de vrouwtjes, zo’n 15 cm. Het mannetje is rood tot roodbruin van kleur, het vrouwtje is minder opvallend van kleur, zij is olijfgroen.  De vleugels en staart zijn voorzien van zwarte veren. De veren van het mannetje zijn vaak donkerder dan bij het vrouwtje. De kruisbek is ook in Nederland te vinden. Ze zijn op afstand te herkennen aan de typerende “klip, klip” roep. Het meest opvallende kenmerk van de kruisbek is de korte, gekruiste snavel. De snavel oogt misschien vreemd en lijkt juist problemen te veroorzaken, maar niets is minder waar. De kruising zorgt juist voor een enorm voordeel. Dankzij de bijzondere snavel kunnen ze bij hun favoriete eten komen.

 

kruisbek4Eetgewoonte

Kruisbekken hebben een voorkeur voor zaden van naaldbomen. Vooral sparrensoorten komen in de leefomgeving voor, in de zuidelijkere gebieden komen meer dennen voor en wordt er voornamelijk in de dennenboom naar voedsel gezocht. Een kruisbek moet werken voor zijn / haar eten. Aan de naaldbomen groeien zogenaamde kegels (of dennenappels). Deze kegels zijn voor geen enkele vogel te eten en de zaden niet te bereiken. Een kruisbek heeft een aparte aanpassing aan de snavel, waardoor zij er wel bij kunnen. De punten van de snavel kruisen elkaar, daardoor kan de kruisbek de snavel tussen de beschermende (een soort schubben) delen van de kegel peuteren, vervolgens openen ze de snavel en met de lange tong grijpen ze het zaadje. Bekijk het filmpje onderaan de pagina voor een betere kijk op deze aparte manier van eten.
In enkele gevallen kunnen er ook insecten gegeten worden, insecten die over de kegels kruipen bijvoorbeeld.

Leefomgeving

De kruisbek komt voor in Europa en in Azië. Ze hebben een voorkeur voor bergachtige gebieden, maar komen vooral tijdens de invasie ook in andere gebieden voor. Vooral tijdens en na de invasie zijn er meerdere paren in Nederland te vinden. Er zijn 5 soorten, met elk een eigen leefomgeving

1 Grote kruisbek (Loxia pytyopsittacus) Onder andere in de Benelux en Duitsland. Voor het complete overzicht bekijk dan deze webpagina
2 Schotse kruisbek (Loxia scotica) Schotland
3 Kruisbek (Loxia curvirostra) Vrijwel geheel West-Europa en kleine delen van het westen van Noord-Amerika.
Bekijk hier het complete overzicht
4 Witbandkruisbek (Loxia leucoptera) Oost-Finland, Siberië en het noorden van Noord-Amerika
5 Hispaniolakruisbek (Loxia megaplaga) Hispaniola, een eiland in de Caribische Zee

Voorplantingkruisbek3

Het voedselaanbod bepaald in welke periode de kruisbek broedt. De meeste vogels beginnen in de eerste maanden van het jaar met broeden en kunnen vrijwel het hele jaar door jongen ter wereld brengen.
Na de paring legt het vrouwtje 3 tot 4 eieren per legsel. Het vrouwtje broed ongeveer 2 weken op de eieren. Zodra de jongen uit het ei gekropen zijn, zorgen beide ouders voor de jongen. Het vrouwtje is de eerste 10 dagen druk bezig om de jongen warm te houden, de vader zorgt voor het voedsel. In korte tijd leren de jongen hoe alles werkt en na ongeveer 3 weken verlaten de jongen het nest. Jongen zijn makkelijk van de ouders te onderscheiden doordat het verenkleed heel anders is. De veren zijn bruin met (donkere) bruine strepen. Ook de snavel is nog vele malen kleiner dan bij een volwassen exemplaar. De ouders zorgen tot ongeveer 6 weken voor de jongen, daarna moeten ze op eigen pootjes staan.

Invasie

Bij een invasie trekken de kruisbekken plotseling met grote aantallen naar gebieden waar ze normaal gesproken niet of weinig voorkomen. De oorzaak van de invasies is nog niet volledig duidelijk. Er wordt aangenomen dat de populatiegrootte (extreem veel jongen) en de voedselsituatie (tekort aan voedsel) in hun normale leefomgeving een grote rol spelen. Onderzoeken wijzen uit dat het aantal jonge vogels,dat  tijdens zo’n invasie wordt gesignaleerd erg sterk varieert. Zo kan het aantal jongen tot zo’n 80% toenemen, in andere gevallen kan het aantal slechts 10% meer zijn dan normaal.

 

Kijk mee met een kruisbek tijdens de lunch

Met dank aan: LabofOrnithology

 

 

Met dank aan:
jerryoldenettel, hans zwitzer, Frank.Vassen, lgooch, Foter, CC BY-NC-SA, voor de afbeeldingen

Laat een bericht achter