Animalsunited header

Sneeuwuil


Naam: Sneeuwuil  Snow Owl - Eye
Lengte: Tot 70 cm
Spanwijdte: Tot 150 cm
Gewicht: Tot 2,5 kg
Voedsel: Vooral kleine zoogdieren
Leefomgeving: Europa, Noord-Azië, Noord-Amerika
Leeftijd: Gemiddeld zo’n 20 jaar
Taxonomische indeling:
  • Rijk: Dieren (Animalia)
  • Stam: Chordadieren (Chordata)
  • Klasse: Vogels (Aves)
  • Orde: Roofvogels (Strigiformes)
  • Familie: Uilen (Strigidae)
  • Soort: Sneeuwuil (Bubo scandiacus)

Sneeuwuil

Sneeuwuilen (Bubo scandiacus) zijn schitterende vogels, snelle, stille en doeltreffende jagers en voorzien van speciale isolerende veren om in koude gebieden te overleven. Bijzondere verschijningen.
Het mannetje en het vrouwtje zijn eenvoudig van elkaar te onderscheiden, want het mannetje heeft een volledig sneeuwwit verenkleed, het vrouwtje heeft een wit verenkleed met donker gekleurde (bruin of zwart) strepen.
Sneeuwuilen zijn gebouwd op de kou. Ze hebben een extreem goede isolatie. Ze hebben zich op verschillende manieren aangepast aan het leven in de kou,

  • sneeuwuilGoed isolerende veren over vrijwel het gehele lichaam
  • Holle dekveren*, met eronder een extra laag donsveren
  • Extra lange veren op de poten en klauwen
  • Korte snavel, waarvan alleen het puntje zichtbaar is
  • Lange wimpers om de ogen te beschermen

* – Holle dekveren houden in de holle kern warmte beter vast.

Leefomgeving

Sneeuwuilen komen voor in het noorden van Azië, in Europa en in Noord-Amerika. Ze leven in het toendra klimaat. Het toendra klimaat heeft als kenmerken:

  • Gemiddelde temperatuur van de koudste maand ligt onder de -3°C
  • Gemiddelde temperatuur van de warmste maand ligt tussen de 0°C en de 10°C

Het kan er extreem koud worden en soms voor een langere periode, daardoor gebeurt het regelmatig dat er een sneeuwuil in Nederland wordt gesignaleerd. Sneeuwuilen hebben geen vaste woonplaats, het zijn rondtrekkende dieren.

sneeuwuilEetgewoonte

Sneeuwuilen leven van knaagdieren, zoals hazen, muizen en lemmingen, maar ook van andere vogels en ook vissen worden gegrepen als ze de kans krijgen.
Sneeuwuilen zijn mooie jagers. Over het algemeen blijven ze op één plek zitten en scannen de omgeving op zoek naar een prooi. Dankzij de goed ontwikkelde nek, kan een sneeuwuil vanaf één plek bijna de gehele 360 graden om zich heen bekijken.
Zodra er een prooi gesignaleerd is vertrekt de sneeuwuil. Ze vliegen laag, vlak langs de grond en verassen de prooi. De vlucht is geluidsloos, je hoort een uil niet als hij / zij vliegt. De sterke klauwen aan de krachtige poten worden vooruit gestoken en de sneeuwuil stort zich op de nietsvermoedende prooi.

Voortplanting

De voortplantingsperiode begint in mei en sneeuwuilen hebben een opvallende manier van nestelgedrag. Ze gebruiken onder andere mos, bladeren en takjes voor het maken van een nest. Daar is op zich niets vreemd aan, maar het nest bouwen ze in een kuil op de grond. De plek waar de meeste vliegende vogels juist erg kwetsbaar zijn. Dankzij het schitterende verenkleed van witte veren met bruine of zwarte strepen (bij het vrouwtje), vallen sneeuwuilen niet op als ze op grond lopen of nestelen.
Het nest moet groot genoeg zijn om de 3 tot 14 eieren te beschermen. De hoeveelheid eieren hangt nauw samen met de hoeveelheid voedsel in de omgeving.
Na ongeveer een maand komen de eieren uit. Beide ouders bemoeien zich met de jongen. De kleintjes komen na zo’n 3 tot 4 weken voor de eerste keer uit het nest, maar kunnen dan nog niet vliegen. Na nog minimaal 4 weken (dus in totaal ongeveer 8 weken na de geboorte) vliegen de eerste jongen voor het eerst. Na ongeveer 2 jaar zijn de jongen geslachtsrijp en kunnen ze zelf een gezin beginnen.

 

Slow motion aanval van een sneeuwuil, een laplanduil en een sperweruil.

 Met dank aan CanadaWild

 
 
Afbeeldingen afkomstig van: SXC.hu
En RGBStock

Laat een bericht achter