Animalsunited header

Olifant


Naam: Olifant olifant
Lengte: Gemiddeld 3.20 m.
Gewicht: Gemiddeld 5000 kg.
Voedsel: Planten, vruchten, boomschors
Leefomgeving: Afrika, Azië
Onderklassen:
  1. Afikaanse savanne olifant
  2. Afrikaanse bosolifant
  3. Aziatische (Indische) olifant
Status: Bedreigd
Taxonomische indeling:
  • Rijk: Dieren (Animalia)
  • Stam: Chordadieren (Chordata)
  • Klasse: Zoogdieren (Mammalia)
  • Orde: Slurfdieren (Proboscidea)

Olifant

Olifanten, waarschijnlijk kent iedereen de grootste landdieren van de aarde met opvallende slurf en enorme oren. Er zijn nog 3 verschillende soorten over van deze geweldige dieren, de Afrikaanse savanne olifant, de Afrikaanse bosolifant en de Aziatische olifant. Ze hebben geen echte natuurlijke vijanden.

olifantkopKenmerken

Olifanten zijn echte kuddedieren, in de kudde zorgen ze goed voor elkaar en voor de jongen van elkaar. Ze kunnen ook goed samen met andere dieren, bijvoorbeeld zebra’s en giraffe worden regelmatig in de directe omgeving van olifanten gesignaleerd. Één van de meest opvallende kenmerken van de olifant, zijn de slagtanden. Een slagtand bestaat uit ivoor en groeien het gehele leven door. De slagtanden worden gebruikt tijdens het zoeken naar eten en zout in de grond, maar ook voor het losscheuren van boomschors van bomen. De olifant is links-, of rechts “tandig”, ze gebruiken de ene slagtand meer dan de ander. Tijdens een aanval van een olifant, is de slurf naar een zijkant gekromd en de slagtanden worden gebruikt om een eventuele stoot mee uit te delen. Door middel van luid snuiven en trompet geluiden laten de olifanten weten dat je op hun territorium bent en zeker niet welkom. De kiezen krijgen het zwaar te verduren bij olifanten. Ze wisselen meerdere keren (tot 5 keer) van kiezen, daarbij brokkelt de “oude” kies in drie keer af. Niet de gehele kies wordt vervangen, maar in drie keer. Er breekt elke keer een stuk af. Als de laatste 4 kiezen afslijten, kan de olifant niet meer goed kauwen en dus eten en laat hij/zij het leven. Naast de naam en leefomgeving zijn er meerdere verschillende tussen de ondersoorten.

Verschillen tussen de soorten:

Afrikaanse olifant Aziatische olifant
1 Lange slagtanden Korte slagtanden
2 Grote oren Kleine oren
3 Ronde kop Stompe kop met 2 bulten
4 4 nagels 5 nagels
5 Slurf met twee vingers Slurf met één vinger
6 Max 3,20m hoog Max 2,70m hoog

 

Leefomgevingolifant2

Olifanten leven in Afrika en Azië.

    • Afrikaanse olifant
      De Afrikaanse olifanten komen vooral voor in het oosten en zuiden van het continent, vooral in de landen Congo, Gabon, Tanzania en Zimbabwe. Daar lopen ze rond over de graslanden, savanne en door de dichtbegroeide regenwouden.

 

  • Aziatische olifant
    De Aziatische olifanten zijn voornamelijk in bosrijke gebieden te vinden, zolang er maar voldoende voedsel en water te vinden is is de omgeving geschikt voor de reus van Azië. Ze leven in de landen Bangladesh, Birma, Cambodia, China, India, Indonesië, Laos, Maleisië, Nepal en Sri Lanka. India is verantwoordelijk voor de meeste olifanten (zo’n 57% van alle Aziatische olifanten leven hier).

Ze leven in groepen, die kudde wordt genoemd met zo’n 6 tot 200 leden. Aan het hoofd van de kudde staat een vrouwtje. Ze heeft een geweldig geheugen en goede navigatie methoden om de kudde zo van waterpoel naar waterpoel te begeleiden. Mannetjes verlaten een kudde vaak als ze 12 tot 16 jaar zijn. Ze sluiten zich aan bij andere kuddes die alleen uit mannetjes bestaan, of ze zoeken andere eenzame mannetjes op om samen een nieuwe kudde te vormen.

Eetgewoonte

Olifanten zijn grote dieren, het spreekt voor zich dat ze veel voedsel nodig hebben. Volwassen mannetjes eten zo’n 150kg per dag! Het menu bestaat uit grassen, vruchten, boomschors en planten, dankzij hun formaat en slurf kunnen ze gemakkelijk bij hoge takken en bladeren. Er worden zo’n 100 tot 500 verschillende soorten planten gegeten. Er wordt dagelijks tot wel 18 uur naar voedsel gezocht. Dat komt doordat de verschillende bomen en planten ver uit elkaar groeien. Ze overbruggen zo veel kilometers per dag in hun zoektocht naar voedsel. Voedsel wordt door middel van de slurf opgepakt en naar de bek gebracht. Met 4 grote kiezen wordt het voedsel gemalen, maar er verlaat toch nog zo’n 60% voedsel onverteerd het lichaam. De ontlasting is ideaal voedsel voor kleinere dieren (de grote bladeren en takken zijn door de olifanten kleiner gemalen), maar ook bevatten de uitwerpselen veel meststoffen, die zorgen voor een vruchtbare grond.

Two African Elephant CowsSlurf

De slurf van de olifant is eigenlijk een hele lange neus, met de bovenlip eraan vast. Aan het uiteinde zitten neusgaten. De neusgaten zijn ideaal voor het opsporen van voedsel, maar ook voor het opnemen van water. Het water wordt in de slurf gezogen en vervolgens naar de bek gebracht om te drinken, of boven het lichaam gebracht om te gebruiken voor een verkoelende douche. De slurf is een geweldig hulpmiddel voor het vastgrijpen van takken, het losscheuren van boomschors, het oppakken van vruchten, maar ook voor het omwoelen van de aarde, om zo ook de favoriete grassen te kunnen eten. De slurf bevat zo’n 148.000 verschillende spieren en kan tot wel 150 kilo wegen.

Voortplanting

Een vrouwtje (koe) laat aan de mannetjes (stier), weten dat ze bronstig is. Het vrouwtje raakt eens in de drie jaar in deze vruchtbare toestand en blijft 6 dagen lang vruchtbaar. Door middel van geluiden laat ze aan mannetjes weten waar ze is. Om “kennis te maken” grazen ze samen wat gras en spelen met de slurf door om elkaar heen te draaien en in elkaars bek te steken. Het mannetje bestijgt het vrouwtje voor een paar minuten. Hij herhaalt dat een paar uur. De vrouwtjes worden gedurende de 6 vruchtbare dagen niet met rust gelaten door verschillende mannetjes. De draagtijd bedraagt ongeveer 22 maanden. Het olifantenjong of kalf weegt al zo’n 100 kg. Het kalf is kwetsbaar, het kan al wel direct lopen, maar het gaat nog niet heel stabiel. De eerste maanden leeft het kalf alleen van moedermelk. Na een maand of 4 gaan ze er gras bij eten. Na ongeveer 2 jaar zijn ze in staat voor zichzelf te zorgen, maar doen dit nog niet. Zelfs tot het vierde levensjaar drinken de jongen melk bij de moeder. Vrouwtjes blijven hun hele leven bij elkaar. Mannetjes moeten na ongeveer 10 jaar een eigen kudde gaan zoeken. Vanaf het 10de levensjaar zijn de meeste olifanten geslachtsrijp.

Meer weten over de geweldige Olifant?

National Geographic